Missie van het samenwerkingsverband: Het samenwerkingsverband biedt thuisnabij Passend Onderwijs en ondersteuning aan alle kinderen van 2-14 jaar, zodat zij zich optimaal en ononderbroken kunnen ontwikkelen. Daarbij wordt er actief gestreefd naar een ontwikkelingslijn 2-14 jaar.
Dit wordt gerealiseerd door:
  • Een diversiteit van arrangementen uitgaande van de mogelijkheden en talenten van kinderen.
  • Echte professionals die handelingsgericht werken en zich continue ontwikkelen.
  • Resultaatgerichte samenwerking en afstemming met ouders, relevante maatschappelijke instellingen en gemeenten.
  • Een organisatie en bestuur die efficiŽnt werkt en besluiten neemt, helder communiceert en zich transparant verantwoordt.
  • Beschikbare middelen in te zetten op basis van ondersteuningsbehoeften. Niet op basis van wat een kind heeft, maar op basis van wat een kind nodig heeft.

Doelen met betrekking tot Passend Onderwijs

Passend Onderwijs moet ervoor zorgen dat leerlingen in de toekomst een zo passend mogelijke plek in het onderwijs krijgen. Om de knelpunten in het huidige systeem aan te pakken, zijn een aantal doelen geformuleerd.
  • Zo passend mogelijk onderwijs en aanpakken onderwijsbeperking
De huidige landelijke indicatiestelling is sterk medisch gericht; een door de zorg geÔndiceerde stoornis vormt een belangrijk onderdeel binnen de indicatiestelling. Door de afschaffing van de landelijke systematiek krijgen schoolbesturen meer ruimte om bij de toekenning van extra onderwijsondersteuning uit te gaan van de onderwijsbeperking van de leerling. De vraag die daarbij centraal staat, is: hoe kan deze onderwijsbeperking worden opgeheven? In de huidige situatie is het financieel lonend om op basis van een diagnose in de zorg een indicatie voor onderwijs aan te vragen. Deze prikkel vervalt in het nieuwe stelsel. De prikkels verschuiven naar efficiŽnt en transparant omgaan met de beschikbare middelen voor extra voorzieningen voor leerlingen die dat nodig hebben.
  • Leraren zijn beter toegerust
Goed onderwijs en goede extra ondersteuning van een leerling in de klas valt of staat met de leraar. Dat geldt ook voor passend onderwijs. De leraar staat er niet alleen voor: hij werkt samen met het team, de school en het samenwerkingsverband. Met Passend Onderwijs wordt geÔnvesteerd in opbrengstgericht werken voor alle leerlingen ťn in de verdere ontwikkeling van leraren.
  • Minder bureaucratie
Het nieuwe systeem moet minder complex en bureaucratisch zijn dan het huidige. Dus geen lange indicatieprocedures, geen wachtlijsten, geen gescheiden circuits van lichte en zware ondersteuning en zo min mogelijk administratieve lasten voor de betrokkenen.
  • Budgettaire beheersbaarheid en transparantie
Het financiŽle systeem dat bij het nieuwe wettelijke kader hoort, moet transparant en beheersbaar zijn. Het moet duidelijk zijn waaraan de beschikbare middelen voor extra ondersteuning worden besteed. Ook de prikkels voor afwenteling van kosten van regulier naar speciaal onderwijs en van lichte ondersteuning naar zware ondersteuning moeten worden weggenomen.
  • Geen thuiszitters
Alle kinderen verdienen een plek in het onderwijs. De afgelopen jaren is gewerkt aan het terugdringen van de thuiszittersproblematiek, maar hiermee is nog onvoldoende geborgd dat er geen kinderen meer thuiszitten. Daarom is een belangrijk doel van passend onderwijs: een zo passend mogelijk onderwijsprogramma voor alle leerlingen die extra ondersteuning nodig hebben in het onderwijs.
  • Afstemming met andere sectoren
De inzet van extra ondersteuning in het onderwijs moet beter worden afgestemd op de inzet vanuit andere sectoren in het jeugddomein, zoals de jeugdzorg, de Wmo-zorg en de arbeidsmarkt. Zowel de voorzieningen als de ondersteuning die een kind vanuit verschillende sectoren ontvangt, moeten beter op elkaar worden afgestemd.

ĎZitten blijvení (doubleren)

Soms loopt de ontwikkeling van een kind niet zoals we verwachten. In overleg met de ouders kunnen we dan besluiten het kind een eigen leerlijn te geven zodat het zich wel op zijn of haar eigen niveau, kan ontwikkelen. Soms kan het ook beter zijn om het leerjaar over te doen. Hier kan het kind sterker van worden, zodat het de eigen ontwikkeling weer op kan pakken en kan versterken. We zeggen dan ook wel eens dat een kind niet meer op zín tenen hoeft te lopen. We laten het kind doubleren. Er is een procedure om een kind te laten doubleren. De volgende stappen moet de school doorlopen:
  1. De groepsleerkracht geeft uiterlijk voor het 2de rapport bij de IB-er aan dat doubleren van het kind verstandig te achten;
  2. De IB-er toetst n.a.v. vastgestelde criteria (deze kunt u opvragen bij de directie) of het inderdaad wenselijk is het kind te laten doubleren;
  3. De groepsleerkracht en indien gewenst de IB-er, bespreekt het eventueel doubleren met de ouders en geeft hier duidelijk aan wat de argumenten zijn;
  4. De groepsleerkracht geeft de ouders gelegenheid het voorstel in overweging te nemen en maakt, indien nodig, een afspraak voor een vervolggesprek. Dit binnen een termijn van hoogstens 3 weken. Ouders geven in dit vervolggesprek hun argumenten voor of tegen doubleren aan;
  5. De groepsleerkracht en IB-er nemen in overleg met de ouders een besluit tot al- of niet doubleren. Wanneer hierover geen overeenstemming met de ouders bereikt kan worden, wordt er een vervolggesprek met de directie en IB-er gepland. In dit gesprek horen zij de argumenten van de ouders en de leerkracht. Dit gesprek wordt schriftelijk vastgelegd en ondertekend door alle aanwezigen. Binnen een termijn van hoogstens 1 week maakt de directie zijn besluit kenbaar aan de ouders, groepsleerkracht en IB-er.
Het laten doubleren van een kind gaat in overleg tussen school en ouders. Echter de uiteindelijke beslissing om te laten doubleren ligt bij de school. Het besluit van de directie is bindend. Kunnen ouders zich niet vinden in het besluit van de school dan verzoekt de school de ouders een andere school te zoeken welke beter aansluit bij de wensen van de ouders.